Q&A

Overzicht

Algemene vragen over gewasbeschermingsmiddelen en biociden

Wat is het verschil tussen professionele en particuliere producten?
Wat is het verschil tussen een natuurlijk en een chemisch / synthetisch middel? Is een natuurlijk product beter voor het milieu? Werkt het even efficiënt?
Wat is het verschil tussen gevaar en risico?
Zijn gewasbeschermingsmiddelen en biociden schadelijk voor de gezondheid?
Zijn gewasbeschermingsmiddelen en biociden gevaarlijk voor het milieu?
Zijn gewasbeschermingsmiddelen en biociden gevaarlijk voor bijen?
Gewasbeschermingsmiddelen laten residu’s (of sporen) achter op groenten en fruit uit mijn moestuin. Zijn deze veilig om te eten? Zijn deze residu’s schadelijk voor de gezondheid?
Zijn producten op basis van glyfosaat kankerverwekkend?

Goed gebruik van producten

Moet ik beschermende kledij dragen, zoals handschoenen, als ik gewasbeschermingsmiddelen toepas?
Ik heb product gemorst op mijn kleren, hoe krijg ik de vlekken weg?
Ik heb de foute dosis gebruikt, wat moet ik doen?
Mag ik een gewasbeschermingsmiddel spuiten als het regent of waait?
Ik heb een gewasbeschermingsmiddel in mijn moestuin gebruikt, hoelang moet ik wachten voor ik mijn groenten / fruit mag oogsten?
Mijn tuin paalt aan een landbouwperceel of aan een andere (moes)tuin. Moet er een bufferzone toegepast worden bij het gebruik van een gewasbeschermingsmiddel? Wat moet ik doen als ik een overtreding vaststel?
Hoelang kan ik het geopende product bewaren?
Waar moet ik gewasbeschermingsmiddelen bewaren?
Wat moet ik met de lege verpakkingen doen?
Wat moet ik met de overschotten doen?

Kinderen en huisdieren

Wat is de wachttijd / herbetredingstijd vooraleer mijn kind of huisdier (konijn / kat / hond /kip / gans / paard,…) terug op mijn gespoten gazon / oprit mag lopen?
Mijn hond / kat likt van het pas gespoten gras / een behandelde plant, is dit gevaarlijk?
Zijn de slakkenkorrels schadelijk voor mijn hond als hij ze opeet?
Mijn hond / kat moet braken en is ziek. Kan het spuiten van een gewasbeschermingsmiddel de oorzaak zijn? En wat moet ik doen?
Mijn kat / hond heeft een muis/rat opgegeten die waarschijnlijk een anti-muizenmiddel of anti-rattenmiddel (rodenticide) had gegeten. Is dit gevaarlijk?
Mijn hond / kat heeft de mierenlokdoos stuk gebeten / er aan gelikt. Is dit gevaarlijk?
Mijn kind heeft met de mierenlokdoos gespeeld, is dit gevaarlijk?

 

 

 

Algemene vragen over gewasbeschermingsmiddelen en biociden

Q: Wat is het verschil tussen professionele en particuliere producten?

A: Sommige producten zijn enkel erkend voor professioneel gebruik, niet voor particulier gebruik. Dit betekent bijvoorbeeld dat professionele land- en tuinbouwers wel zo’n professioneel product kunnen aankopen, maar de hobby tuinier niet. De splitsing tussen professionele en particuliere producten is in 2014 gerealiseerd om de particuliere gebruiker, die minder ervaring heeft met het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen, optimaal te beschermen. Tot bepaalde geconcentreerde producten heeft de particulier dus geen toegang meer. De producten die toegelaten zijn voor de particulier zijn minder geconcentreerd, kleiner verpakt en vaak uitgerust met speciale doseersystemen en kindveilige doppen. Ook de ready-to-use of klaar-voor-gebruik producten zijn specifiek voor de particulier ontwikkeld. Deze producten zijn al aangelengd met water, je hoeft dus zelf geen spuitoplossing meer te maken.

Indien je een probleem hebt in de tuin en er is geen particulier product ter beschikking, dan kan je een tuinaannemer inschakelen. Hij kan wel professionele producten kopen en toepassen. Hij heeft daar een fytolicentie voor die zijn kennis garandeert.

 

 

Top



Q: Wat is het verschil tussen een natuurlijk en een chemisch / synthetisch middel? Is een natuurlijk product beter voor het milieu? Werkt het even efficiënt?

A: Chemische producten zijn het resultaat van een chemische synthese (een bereiding van chemische verbindingen). Biopesticiden of natuurlijke gewasbeschermingsmiddelen worden gefabriceerd op basis van stoffen van natuurlijke oorsprong. De stoffen zijn dus van verschillende oorsprong (het één komt uit de natuur, het ander uit een chemisch labo), maar ze zijn allebei chemisch “verwerkt” om toepasbaar te zijn in huis en/of tuin. Natuurlijke middelen zijn vb. plantenextracten, feromonen, micro-organismen zoals virussen, bacteriën en schimmels, bepaalde minerale producten, enzovoort.

Opgelet: ook het gebruik van een natuurlijk product kan een risico inhouden voor mens of milieu! Het is niet om dat het van natuurlijke oorsprong is dat het product daarom sowieso niet gevaarlijk is. Integendeel, ook bepaalde planten zijn giftig voor mens en dier, denk maar aan de taxusstruik, de blauweregen, groene aardappelen enzovoort. Ook biopesticiden zijn werkzaam tegen bepaalde planten, ziekten of onkruid, en zijn dus op zijn minst schadelijk voor deze organismen.

Alle gewasbeschermingsmiddelen en biociden moeten in België een toelating hebben om te mogen verkocht en gebruikt worden. Zowel chemische als biologische. Deze moeten aan dezelfde wetgeving voldoen en worden dus op dezelfde manier getest. We kunnen dus zeggen dat alle gewasbeschermingsmiddelen en biociden die op de markt zijn, zowel chemische als biologische, uitgebreid getest en geëvalueerd zijn, en dus efficiënt werken en veilig zijn bij correct gebruik.

Om ervoor te zorgen dat je gewasbeschermingsmiddelen en biociden, zowel chemisch als biologisch, op een veilige manier gebruikt, is het belangrijk om het etiket goed te lezen en de gebruiksaanwijzingen te volgen. Zo kan je de eventuele risico’s voor mens en/of milieu vermijden. 

 

Top

 

Q: Wat is het verschil tussen gevaar en risico?

A: Een stof kan intrinsiek gevaarlijk zijn; een risico houdt rekening met gevaar en blootstelling. Een voorbeeld om het verschil te verduidelijken.

Een slang is een gevaarlijk dier. Maar het hangt af van de omstandigheden of het meisje een risico loopt. Als de slang in een kooi achter glas zit in de zoo, dan blijft die slang wel gevaarlijk maar omdat het meisje niet wordt blootgesteld aan het gevaar, loopt ze geen risico. Het meisje kan dus veilig in de buurt van de slang komen.

Als de slang echter vrij rondkruipt wordt het meisje wel blootgesteld aan het gevaarlijke dier, en loopt ze wel een risico.

De term risico zegt dan ook veel meer dan gevaar: door een risicoanalyse uit te voeren kan nagegaan worden of een bepaalde stof mag toegelaten en gebruikt worden. Dit geldt ook voor bestrijdingsmiddelen. Bepaalde stoffen kunnen intrinsiek gevaarlijk zijn (vb. een insecticide is bedoeld om een schadelijk insect te bestrijden, dit product bevat dus gevaarlijke eigenschappen), maar als de blootstelling beperkt wordt of vermeden wordt, dan is het risico eveneens miniem.

Blootstelling beperken bij het gebruik van bestrijdingsmiddelen kan bijvoorbeeld door

  • beschermkledij te dragen (handschoenen, t-shirt met lange mouwen) zodat de huid niet wordt blootgesteld
     
  • niet te spuiten in de buurt van water (een beek, een rioolputje,…) zodat het product niet kan aflopen naar het water en het waterleven (vb. de vissen) dus niet worden blootgesteld
     
  • niet te spuiten bij veel wind, zodat het product niet kan wegwaaien en andere planten of dieren (vb. bijen) niet blootgesteld worden
     
  •  …

Top

 

Q: Zijn gewasbeschermingsmiddelen en biociden schadelijk voor de gezondheid?

A: Gewasbeschermingsmiddelen en biociden zijn twee van de meest en strengst gereguleerde producten in Europa. Ze komen pas op de markt na 10 jaar onderzoek en ontwikkeling, waar uitgebreid aandacht wordt besteed aan testen, proeven en studies die daarna worden geëvalueerd door de overheid. Dit garandeert dat deze producten veilig zijn bij correct gebruik. Het is daarom altijd aangeraden om het etiket te lezen voor je het product toepast, en de richtlijnen op het etiket nauwgezet te volgen.

De actieve stoffen worden ook regelmatig opnieuw geëvalueerd door de Europese bevoegde overheid, waarna ook de producten die die stoffen bevatten opnieuw bekeken worden door de bevoegde overheden in de lidstaten.

Een aantal tips om de blootstelling aan gewasbeschermingsmiddelen te beperken bij het gebruik:

  • Niet eten of drinken als je een product gebruikt
     
  • Steeds je handen wassen na gebruik
     
  • Beschermende kledij dragen, zoals vb. handschoenen en een overall of een t-shirt met lange mouwen en een lange broek
     

Groenten en fruit kunnen residu’s bevatten van gewasbeschermingsmiddelen, maar de concentraties die teruggevonden worden zijn zeer laag, en overschrijden zelden of nooit de maximale residulimieten die wettelijk zijn vastgelegd (MRL’s). Indien er een overschrijding wordt vastgesteld, wordt de groente of het fruit uit de rekken gehaald. Belgische groenten en fruit zijn één van de sterkst gecontroleerde en veiligste voedingsgewassen ter wereld! De consument hoeft zich dus geen zorgen te maken en kan genieten van een lekker en gezond stuk groente of fruit.

 

Top

 

Q: Zijn gewasbeschermingsmiddelen en biociden gevaarlijk voor het milieu?

A: Bestrijdingsmiddelen worden uitgebreid getest en geëvalueerd door de bevoegde overheden alvorens ze op de markt komen en verkocht mogen worden. Ze zijn veilig bij een correct gebruik. Het is belangrijk dat bestrijdingsmiddelen op een goede manier gebruikt worden. Net zoals je andere middelen in huis en tuin ook op een correcte manier gebruikt (vb. huishoudproducten, meststoffen,…). Lees daarom altijd eerst het etiket en volg de richtlijnen.

Bestrijdingsmiddelen dienen gebruikt te worden waarvoor ze dienen, om een gewas te beschermen, om een schimmelziekte te bestrijden, om een schadelijk insect te bestrijden of om ongedierte zoals ratten, muizen of mieren te bestrijden. Deze middelen horen niet thuis in het water, op de bijen of in de natuur. We moeten er dus voor zorgen dat deze producten zo weinig mogelijk terecht komen op plaatsen waar ze niet thuis horen. Dit kan door de goede praktijken toe te passen, zoals beschreven op het etiket. Bijvoorbeeld spuiten bij weinig wind (zodat er geen drift ontstaat waardoor deeltjes product kunnen wegwaaien), ’s morgens of ’s avonds spuiten als de bijen en andere nuttige insecten nog niet uitvliegen, niet spuiten op bloemen die in bloei staan, de bufferzones ten opzichte van het water respecteren (dit is een bepaalde strook van een aantal meter naast water die je niet mag behandelen, vb. 5 meter), niet spuiten als het regent of gaat regenen (zodat het product niet afstroomt) enzovoort. Al deze goede praktijken staan vermeld op het etiket.

Top



Q: Zijn gewasbeschermingsmiddelen en biociden gevaarlijk voor bijen?

A: Insecticiden zijn bedoeld om schadelijke insecten te bestrijden (vb. bladluizen). Deze middelen hebben een werkingsmechanisme om bepaalde insecten uit te schakelen. Zij kunnen dus ook gevaarlijk zijn voor bepaalde nuttige insecten, zoals bijen. Het is bijgevolg belangrijk om ervoor te zorgen dat de bijen niet of zo weinig mogelijk worden blootgesteld aan deze insecticiden, zodat het risico zo klein mogelijk wordt gehouden. Dit kan door de gebruiksaanwijzingen op het etiket nauwkeurig op te volgen en de goede praktijken toe te passen. Bijvoorbeeld niet spuiten op bloemen die in bloei staan, ’s morgens of ’s avonds spuiten als de bijen niet uitvliegen, en niet spuiten als er veel wind is omdat er dan drift kan ontstaan waardoor druppeltjes product wegwaaien en op nabijgelegen planten kunnen terechtkomen die door bijen bezocht worden.
De concentratie actieve stof is in producten die zijn toegelaten voor de particulier erg laag, waardoor het risico voor de bijen eveneens beperkt wordt.

Top



Q: Gewasbeschermingsmiddelen laten residu’s (of sporen) achter op groenten en fruit uit mijn moestuin. Zijn deze veilig om te eten? Zijn deze residu’s schadelijk voor de gezondheid?

A: Groenten en fruit kunnen residu’s bevatten van gewasbeschermingsmiddelen, maar de concentraties die teruggevonden worden zijn zeer laag, en overschrijden zelden of nooit de maximale residulimieten die wettelijk zijn vastgelegd (MRL’s). Indien er een overschrijding wordt vastgesteld, wordt de groente of het fruit uit de rekken gehaald. Belgische groenten en fruit zijn één van de sterkst gecontroleerde en veiligste voedingsgewassen ter wereld! De consument hoeft zich dus geen zorgen te maken en kan genieten van een lekker en gezond stuk groente of fruit. 
Als je je eigen groenten en fruit teelt in de moestuin, worden deze uiteraard niet gecontroleerd door de officiële controlediensten om na te gaan of de residu’s onder de wettelijke aanvaardbare grenzen zitten. Daarom is het belangrijk om steeds de wachttijd te respecteren. De wachttijd of de tijd tussen het spuiten van een gewasbeschermingsmiddel en het oogsten van het gewas, staat vermeld op het etiket of de bijsluiter. Deze tijd bedraagt minimum een aantal dagen en kan voor sommige producten oplopen tot een aantal weken. Lees altijd eerst het etiket en volg de richtlijnen. De wachttijd moet gerespecteerd worden omdat in deze periode de actieve stof wordt afgebroken en zo de maximale residulimiet (MRL) niet overschreden wordt. De MRL is de concentratie van de actieve stof die nog aanwezig mag zijn op de groente of fruit. Indien u de groente of het fruit te snel na het spuiten van een product zou opeten, bestaat de kans dat de MRL overschreden wordt.

Top



Q: Zijn producten op basis van glyfosaat kankerverwekkend?

A: In maart 2015 klasseerde het IARC, International Agency for the Research on Cancer, glyfosaat als “waarschijnlijk kankerverwekkend”. Moeten we ons zorgen maken? Nee, want:

  • Het IARC bestudeerde een zeer beperkt aantal studies, voornamelijk over laboproeven, op één week tijd
     
  • Het keek daarbij naar het intrinsieke gevaar, niet naar het risico van glyfosaat (er werd geen rekening gehouden met blootstelling)
     
  • Heel wat andere zaken uit ons dagelijkse leven zijn door het IARC ook geklasseerd:
     
    • Categorie 1: met zekerheid kankerverwekkend voor de mens (zonlicht, alcohol, tabak, en recent ook bewerkt vlees zoals salami, worst,…)
    • Categorie 2A: waarschijnlijk kankerverwekkend voor de mens (werken in ploegen & nachtwerk, het kappersberoep, glyfosaat, en recent ook rood vlees,…)
    • Categorie 2B: mogelijk kankerverwekkend voor de mens (koffie, aloë vera,…)
       
  • Daarnaast is het interessant te weten dat het IARC van de honderden stoffen en beroepen die ze onderzochten, slechts één stof ooit in categorie 4 “waarschijnlijk niet kankerverwekkend voor de mens” heeft gezet.

     

De IARC classificaties dienen bijgevolg niet als basis om een verbod te vragen, maar als aandachtspunt om op een verantwoorde manier met de stoffen om te gaan! Vb. “alcohol drink je met verstand”, “smeer zonnecrème voor je in de zon gaat liggen”, “drink koffie met mate”, “eet niet meer dan 30g rood vlees per dag”,… en ook “gebruik gewasbeschermingsmiddelen op een correcte manier”.

Duitsland is rapporterende lidstaat voor de herziening van glyfosaat als actieve stof op EU-niveau, en onderzocht 1 000en studies en nam ook het IARC rapport mee. Alle lidstaten kijken het Duits rapport na en mogen opmerkingen geven, waarna EFSA, EU Voedselveiligheidsagentschap, het rapport evalueert. Dan worden de conclusies van EFSA voorgelegd aan de Europese Commissie; de beslissing wordt verwacht half 2016 en België zal deze beslissing volgen.

De Minister van Volksgezondheid Maggie De Block, en de federale overheid, verantwoordelijk voor de toelating van glyfosaathoudende producten op de Belgische markt, reageerde als volgt “Gelet op deze situatie is de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu van oordeel dat er onvoldoende redenen zijn om nu al over te gaan tot beperkende maatregelen ten aanzien van glyfosaat, laat staan om de stof te verbieden”. 

 

Top



Goed gebruik van producten


Q: Moet ik beschermende kledij dragen, zoals handschoenen, als ik gewasbeschermingsmiddelen toepas?

A: Het dragen van handschoenen en een overall of lange broek met t-shirt met lange mouwen wordt altijd aangeraden. Zo bescherm je je huid optimaal. Indien specifieke beschermkledij moet gedragen worden of handschoenen dragen verplicht is, zal dit op het etiket staan.

Top



Q: Ik heb product gemorst op mijn kleren, hoe krijg ik de vlekken weg?

A: Je draagt best beschermende kledij als je een bestrijdingsmiddel toepast, net om je huid en je kleren te beschermen. Handschoenen en een overall of een oude lange broek of t-shirt met lange mouwen bijvoorbeeld. Deze werkkleren kan je na gebruik gewoon in de wasmachine stoppen, maar je wast deze best wel apart (dus niet samen met je mooie kleren).

Top



Q: Ik heb de foute dosis gebruikt, wat moet ik doen?

A: Lees altijd het etiket, daarop staat de correcte dosis vermeld, en vaak ook een korte berekeningswijze of uitleg. Indien je toch teveel product hebt aangemaakt, dan kan je het product verdunnen met water (neem zeker 10 keer de hoeveelheid water, vb. als je nog 0.2 liter product overhebt vul dit dan aan met 2 liter water). Dit kan je dan gaan verspuiten op het terrein wat je zopas behandeld hebt, of op een stukje braakliggend terrein ergens in je tuin. Indien je groenten in de moestuin hebt gespoten, spuit je de overschot best uit op een stukje braak, zodat je je groenten niet “verbrandt” met een teveel aan product. Voor onkruidbestrijders is dit veel minder een probleem, daar kan je mits voldoende verdunnen met water doorgaans nog eens over de behandelde oppervlakte gaan.

Giet de overschot nooit in het afvoerputje of de riolering! Bestrijdingsmiddelen zijn niet bedoeld om in het oppervlaktewater terecht te komen en kunnen een risico inhouden voor het waterleven.

Top



Q: Mag ik een gewasbeschermingsmiddel spuiten als het regent of waait?

A: De beste periode om een gewasbeschermingsmiddel te spuiten is ’s morgens vroeg (tussen 8 en 10u) of ’s avonds (tussen 6 en 8u). Op deze tijdstippen vliegen er minder nuttige insecten rond en zijn bijen niet actief. Het is dan ook kouder dan op de middag en de zon schijnt niet hard genoeg om de pas bespoten planten te verbranden. Om drift te vermijden is het afgeraden om te spuiten als er sterke wind staat. Drift zijn kleine druppeltjes product die door de wind worden meegenomen en ergens terecht komen waar ze niet thuis horen. Dit kan bijvoorbeeld op een naburige plant zijn of in een naburige tuin, of in een beekje. Ook ’s zomers als het heel heet is en windstil, kunnen thermieken de druppeltjes opliften en in de luchtlagen mee vervoeren.

Het is eveneens belangrijk om niet te spuiten als het regent of als er binnen de paar uur regen verwacht wordt. Anders kan het product afspoelen naar nabijgelegen water en zal het verdund worden waardoor het minder efficiënt zal werken.

Top

 

Q: Ik heb een gewasbeschermingsmiddel in mijn moestuin gebruikt, hoelang moet ik wachten voor ik mijn groenten / fruit mag oogsten?

A: De wachttijd of de tijd tussen het spuiten van een gewasbeschermingsmiddel en het oogsten van het gewas, staat vermeld op het etiket of de bijsluiter. Deze tijd bedraagt minimum een aantal dagen en kan voor sommige producten oplopen tot een aantal weken. Lees altijd eerst het etiket en volg de richtlijnen. Deze wachttijd moet gerespecteerd worden omdat in deze periode de actieve stof wordt afgebroken en zo de maximale residulimiet (MRL) niet overschreden wordt. De MRL is de concentratie van de actieve stof die nog aanwezig mag zijn op de groente of fruit. Indien je de groente of het fruit te snel na het spuiten van een product zou opeten, bestaat de kans dat de MRL overschreden wordt.

Top

 

Q: Mijn tuin paalt aan een landbouwperceel of aan een andere (moes)tuin. Moet er een bufferzone toegepast worden bij het gebruik van een gewasbeschermingsmiddel? Wat moet ik doen als ik een overtreding vaststel?

A: Een bufferzone is een bepaalde strook van een aantal meter die je niet mag behandelen. Het is altijd aangewezen om een bufferzone van één meter te respecteren tussen de te behandelen oppervlakte en diegene die niet moeten worden behandeld (bv. een ander perceel). Voor de bescherming van het oppervlaktewater zijn bufferzones van één meter (of drie meter in geval van boomgaarden) verplicht (KB van 19 maart 2013 ter verwezenlijking van een duurzaam gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en toevoegingsstoffen).

Artikel 59 van het KB van 28/02/94 betreffende het bewaren, het op de markt brengen en het gebruiken van bestrijdingsmiddelen voor landbouwkundig gebruik stelt ook: "Bij het gebruik van een bestrijdingsmiddel voor landbouwkundig gebruik neemt de gebruiker de nodige maatregelen om te vermijden dat nadeel wordt berokkend aan de gezondheid van de mens en van nuttige dieren en dat schade wordt toegebracht aan naburige teelten en in het algemeen aan het milieu."

De gewesten kunnen nog bijkomende maatregelen in verband met de bufferzones bepalen. Voor meer informatie kunt u terecht op www.lv.vlaanderen.be of www.environnement.wallonie.be/pesticides. Zij zijn ook bevoegd om goede landbouwpraktijken vast te leggen. Zo is het niet aangewezen om gewasbeschermingsmiddelen te gebruiken bij felle wind of bij heel warm weer, omdat de spuitnevel dan kan overwaaien of verdampen.

Als je denkt dat je schade hebt ondervonden door het gebruik van bestrijdingsmiddelen op een nabijgelegen landbouwperceel, dan neem je best contact met het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV). Als het om niet-professioneel gebruik gaat, bijvoorbeeld in een moestuin, neem je contact op met de milieudienst van je gemeente.

  • In Wallonië, in geval van vermoedelijke vervuiling, contacteer de « service SOS Environnement-Nature» op het nummer 070/23.30.01 (24u/24).
     
  • In Vlaanderen, als het om niet-professioneel gebruik gaat, bijvoorbeeld in een moestuin, neem je contact op met de milieudienst van je gemeente.

Top

 

Q: Hoelang kan ik het geopende product bewaren?

A: Het is belangrijk om gewasbeschermingsmiddelen correct te bewaren. Zo blijven ze lang werkzaam en vormen ze geen risico’s voor mens, dier of milieu. Lees altijd het etiket en houd volgende richtlijnen aan:

  • Bewaar producten in hun originele verpakking en sluit ze goed af
     
  • Hou ze buiten het bereik van kinderen en huisdieren, en ook uit de buurt van voedingswaren
     
  • De beste bewaarplaats is een goed verluchte ruimte met een gemiddelde temperatuur. Dit kan vb. een afgesloten kast zijn in de garage of het berghok. Vocht kan het etiket of de gebruiksaanwijzing onleesbaar maken en is dus te vermijden
     
  • De meeste gewasbeschermingsmiddelen en biociden kunnen in optimale omstandigheden (vorstvrij, niet te heet) in gesloten verpakking zeker een aantal jaren bewaard blijven
     
  • Een bereiding die je zelf maakt (product + water toegevoegd) is meestal maar enkele uren houdbaar. Maak dus enkel de dosis klaar die je nodig hebt zodat je geen overschotten hebt

Top

 

Q: Waar moet ik gewasbeschermingsmiddelen bewaren?

A: Het is belangrijk om gewasbeschermingsmiddelen correct te bewaren. Zo blijven ze lang werkzaam en vormen ze geen risico’s voor mens, dier of milieu. Lees altijd het etiket en houd volgende richtlijnen aan:

  • Bewaar producten in hun originele verpakking en sluit ze goed af
     
  • Hou ze buiten het bereik van kinderen en huisdieren, en ook uit de buurt van voedingswaren
     
  • De beste bewaarplaats is een goed verluchte ruimte met een gemiddelde temperatuur. Dit kan vb. een afgesloten kast zijn in de garage of het berghok. Vocht kan het etiket of de gebruiksaanwijzing onleesbaar maken en is dus te vermijden

Top

 

Q: Wat moet ik met de lege verpakkingen doen?


A: Lege verpakkingen van gewasbeschermingsmiddelen en biociden mogen niet met het huisvuil meegegeven worden. Ze dienen veilig binnengebracht te worden op een inzamelpunt voor klein gevaarlijk of bijzonder afval. Dit kan bijvoorbeeld het containerpark zijn. Ook verpakkingen waar nog product inzit mogen op dergelijke inzamelpunten binnengebracht worden.

Top

 

Q: Wat moet ik met de overschotten doen?


A:

  • Gaat het om product-overschotten die nog in de originele verpakking zitten? Bijvoorbeeld van een oud product dat niet meer is toegelaten of een product dat je niet meer nodig hebt. Dan kan je deze overschotten binnenbrengen op een inzamelpunt voor klein gevaarlijk of bijzonder afval. Dit kan bijvoorbeeld het containerpark zijn. Ook lege verpakkingen kan je daar naar toe brengen.>
     
  • Gaat het om een klaargemaakt product, een bereiding waarvan je overschot hebt? Bijvoorbeeld omdat je een te grote dosis hebt aangemaakt (product + aangelengd met water). Dan kan je dit best verdunnen met water (neem zeker 10 keer de hoeveelheid water, vb. als je nog 0.2 liter product overhebt vul dit dan aan met 2 liter water). Dit kan je dan gaan verspuiten op het terrein wat je zopas behandeld hebt, of op een stukje braakliggend terrein ergens in je tuin. Indien je groenten in je moestuin hebt gespoten, spuit je de overschot best uit op een stukje braak, zodat je je groenten niet “verbrandt” met een teveel aan product.

    Voor onkruidbestrijders is dit veel minder een probleem, daar kan je mits voldoende verdunnen met water doorgaans nog eens over de behandelde oppervlakte gaan.
     
  • Lees altijd het etiket voor je het product gebruikt, daarop staat de correcte dosis vermeld, en vaak ook een korte berekeningswijze of uitleg. Zo voorkom je dat je teveel product aanmaakt.
     
  • Giet de overschot nooit in het afvoerputje of de riolering! Bestrijdingsmiddelen zijn niet bedoeld om in het oppervlaktewater terecht te komen en kunnen een risico inhouden voor het waterleven.

Top

 


Kinderen en huisdieren


Q: Wat is de wachttijd / herbetredingstijd vooraleer mijn kind of huisdier (konijn / kat / hond /kip / gans / paard,…) terug op mijn gespoten gazon / oprit mag lopen?

A: Laat kinderen en huisdieren pas terug op het behandelde terrein van zodra het product volledig is opgedroogd. Dit neemt al gauw enkele uren in beslag. De herbetredingstijd staat ook vaak op het etiket vermeld, dus lees zeker het etiket.

Top


Q: Mijn hond / kat likt van het pas gespoten gras / een behandelde plant, is dit gevaarlijk?

A: Probeer er steeds voor te zorgen dat je huisdieren pas terug op het behandelde terrein kunnen van zodra het product volledig is opgedroogd. Indien je geliefde viervoeter toch vroeger het terrein is opgelopen en aan het gespoten gewas likt of zich na er doorheen gelopen te zijn wast, houdt dit normaal gezien geen risico in. De concentratie actieve stof in de producten die op de markt zijn voor de particulier (niet-professioneel gebruik) zijn erg laag en dus doorgaans te laag om een gezondheidsrisico in te houden voor huisdieren. Veel producten smaken ook slecht waardoor katten niet geneigd zijn eraan te likken. Bij bepaalde rodenticiden (tegen ratten en muizen) wordt zelfs een extra stof toegevoegd die heel slecht smaakt, om te vermijden dat honden of katten er van zouden eten.

Indien je twijfelt en je huisdier ziektesymptomen vertoont, bel dan het Antigifcentrum of ga er onmiddellijk mee naar de dierenarts. Zorg dat je de naam van het product dat je gespoten hebt bij je hebt, zo kunnen de dierenartsen je sneller helpen.

Top

 

Q: Zijn de slakkenkorrels schadelijk voor mijn hond als hij ze opeet?

A: Als je de slakkenkorrels op een correcte manier uitstrooit, is er in principe geen probleem voor je hond. De korrels dienen verspreid uitgestrooid te worden, niet op een hoopje. Als je hond één of twee korrels opeet, zal hij er niet ziek van worden. Het etiket schrijft altijd duidelijk voor de korrels op voldoende afstand van elkaar uit te strooien (standaard = minimum 8 cm van elkaar). Overdosering heeft geen zin, dit zal de werking niet versnellen of verbeteren.

Het is maar als de hond in één keer een gans hoopje slakkenkorrels opeet, dat dit een risico inhoudt en de hond kan sterven. Veel slakkenkorrels bevatten metaldehyde, en dit is gevaarlijk voor honden, koeien, paarden, schapen, katten en vogels. Voor katten vormen slakkenkorrels normaal geen risico, katten zijn niet geneigd deze korrels op te eten.

De eerste symptomen zijn braken en koorts, daarna komen er spierspasmen en tenslotte overlijden. Er is geen specifiek medicijn dat het dier kan genezen. Bij een recente inname (< 1 uur) is het aangewezen om het dier te doen braken en actieve kool te geven.

Het is dus heel belangrijk om zo snel mogelijk (binnen het uur) de dierenarts en het Antigifcentrum te contacteren!

Top

 

Q: Mijn hond / kat moet braken en is ziek. Kan het spuiten van een gewasbeschermingsmiddel de oorzaak zijn? En wat moet ik doen?


A: Als de mogelijkheid bestaat dat je hond / kat slakkenkorrels of rodenticiden (antimuizen- en antirattenmiddelen) heeft opgegeten, dan dien je zo snel mogelijk contact op te nemen met de dierenarts. Je kan ook het Antigifcentrum bellen. Dit kan namelijk een risico inhouden en je huisdier dient zo snel mogelijk behandeld te worden.

Andere gewasbeschermingsmiddelen die gespoten worden (vb. herbiciden tegen onkruid, fungiciden tegen schimmels of insecticiden tegen schadelijke insecten) houden normaal gezien geen risico in voor je huisdieren als ze correct toegepast worden. Je houdt best, indien mogelijk, je huisdieren een aantal uren binnen tot het gespoten product is opgedroogd op het gazon, de plant of de oprit. Honden en katten zijn niet snel geneigd om van druppeltjes gespoten product te likken. Indien ze dit toch zouden doen, of indien katten hun vacht zouden wassen nadat ze door pas gespoten gewassen hebben gelopen, dan is de concentratie die ze binnenkrijgen zo klein dat dit normaal geen risico inhoudt.

Bij twijfel raden we je aan contact op te nemen met het Antigifcentrum. Probeer te achterhalen welk product je huisdier binnengekregen zou kunnen hebben (vb. als u een paar uur geleden je gazon hebt behandeld, zoek dan de naam van het product op).

Top

 

Q: Mijn kat / hond heeft een muis/rat opgegeten die waarschijnlijk een anti-muizenmiddel of anti-rattenmiddel (rodenticide) had gegeten. Is dit gevaarlijk?

A: De meeste rodenticiden bevatten anticoagulantia. Dit zijn actieve stoffen die verhinderen dat het bloed stolt. Het is aangewezen om het Antigifcentrum te contacteren en met je huisdier naar de dierenarts te gaan. Deze zal vitamine K1 toedienen, waardoor je huisdier normaal gezien zal genezen. De behandeling kan wel een aantal weken duren, afhankelijk van de hoeveelheid rodenticide dat het dier heeft ingenomen.

Katten zijn niet snel geneigd om puur ratten- of muizenmiddel op te eten, maar kunnen wel een zieke of dode muis of rat oppeuzelen. Zo krijgen ze ook rodenticide binnen, maar de hoeveelheid is meestal laag dat de kat er niet echt ziek van zal worden. Honden durven wel puur rodenticide op te eten, dit houdt natuurlijk een groter risico in. De symptomen zijn niet meteen zichtbaar, dit kan een aantal uren tot dagen duren. Gekende symptomen zijn spontaan braken en moeilijk bewegen als gevolg van interne bloedingen van de gewrichten. Als je vermoedt dat je hond of kat antimuizen- of –rattenmiddel heeft ingenomen, contacteer dan zo snel mogelijk de dierenarts of het Antigifcentrum.

Alles hangt af van de ingenomen hoeveelheid. In vergelijking met muizen en ratten moet een hond al een relatief grote hoeveelheid innemen om gevolgen te ondervinden. Muizen en ratten zijn immers gevoeliger dan honden voor de effecten van anticoagulantia en zijn bovendien veel kleiner. Het is meestal onmogelijk om de juiste hoeveelheid in te schatten die een hond heeft ingenomen. Bovendien komt het vaak voor dat de hond in de dagen (of weken) voorafgaand al product heeft ingenomen, zonder dat je het gemerkt hebt.

Top

 

Q: Mijn hond / kat heeft de mierenlokdoos stuk gebeten / er aan gelikt. Is dit gevaarlijk?

A: De inhoud van een mierenlokdoos is zoet en daardoor aantrekkelijk voor huisdieren. Gelukkig is het opeten van de inhoud niet snel levensbedreigend omdat de concentratie zeer laag is. Bij kleine honden en katten kan het eventueel wel een risico inhouden, neem daarom toch altijd contact op met je dierenarts of het Antigifcentrum.
Een mierenlokdoos heeft een aantal openingen waardoor mieren bij een gesuikerde vloeistof kunnen komen. Deze lokstof bevat een insectendodend middel (insecticide). Mierenlokdozen zijn echter zodanig ontwikkeld dat huisdieren erg moeilijk bij de inhoud geraken. Hoogst uitzonderlijk kan het gebeuren dat honden of katten de inhoud toch kunnen opslurpen. Of dat de hond de mierenlokdoos kapot bijt en dan de volledige inhoud opeet. Aangezien de hoeveelheid insecticide in het doosje over het algemeen gering is, monden deze blootstellingen doorgaans niet uit in ontwikkeling van symptomen. Er kunnen tekens van lokale irritatie optreden zoals speekselvloed en weigering om te eten. Deze symptomen behoeven geen behandeling. Bij twijfel raden we je aan het Antigifcentrum te contacteren.

Top

 

Q: Mijn kind heeft met de mierenlokdoos gespeeld, is dit gevaarlijk?

A: Kinderen kunnen niet vergiftigd worden door een mierenlokdoos in de mond te steken of door hun handen af te likken na het aanraken van een mierenlokdoos. In een zeldzaam geval waar een kind de volledige inhoud van een mierenlokdoos opeet, neem je toch best contact op met het Antigifcentrum.

 

 

Top

 

Lees altijd het etiket. Gebruik gewasbeschermingsmiddelen en biociden veilig.